De afgelopen 10 jaar (van 2010 tot 2020) daalde de instroom van het aantal zaken van geweld tegen de politie in ons land op de parketten met 21 procent. Tegelijk verminderde het aantal sepots met 42 procent, waarbij vooral de opportuniteitssepots sterk zijn gedaald (met 49 procent). De informatie komt van het College van procureurs-generaals.

In 2019 registreerde het Openbaar Ministerie (OM) 7.083 gevallen van geweld tegen de politie. Meer dan de helft van deze dossiers hebben betrekking op weerspannigheid (53%). Andere zaken hebben betrekking op smaad (35%) en geweld (9%).

In 51 procent van deze dossiers werd inmiddels vervolging ingesteld, hetzij door een dagvaarding, hetzij door een alternatieve bestraffing (minnelijke schikking, bemiddeling en maatregelen of pretoriaanse probatie). In ongeveer 10 procent van deze zaken zijn de onderzoeken nog hangende.

24 procent van de dossiers van slagen aan politie, werd in 2019 zonder gevolg geklasseerd om opportuniteitsredenen.

Er bestaan twee soorten sepots/zondergevolgstelling: technisch sepot en opportuniteitssepot. Een technisch sepot dringt zich op wanneer het Openbaar Ministerie geen mogelijkheid heeft tot het instellen van een vervolging, namelijk wanneer de dader onbekend is, of de feiten niet bewezen zijn, de feiten verjaard zijn of de verdachte overleden is.

Een opportuniteitssepot kan genomen worden wanneer de feiten wel bewezen zijn, maar een vervolging niet opportuun wordt geacht, bijvoorbeeld omdat het om zeer geringe feiten gaat, er geen nadeel is of een gering nadeel, de schade vergoed is, omwille van de specifieke omstandigheden, het blanco strafverleden van de verdachte, onvoldoende recherchecapaciteit, andere prioriteiten in de opsporing of vervolging.

Een beslissing tot seponering heeft steeds een voorlopig karakter. Zolang de strafvordering nog toelaatbaar is, kan het dossier steeds heropend worden en alsnog beslist worden om tot vervolging over te gaan.