Maandag stemmen de Antwerpse gemeenteraad en de verschillende districtsraden over de verhoging van hun eigen zitpenningen.

Een voorbeeld van politieke zelfbediening is jezelf een loonsverhoging van 42 procent toekennen. Maar zo ziet het kabinet van Koen Kennis (N-VA) dat niet. “Omdat de districten meer bevoegheden kregen, is er ook meer werk en meer werk mag vergoed worden”, aldus de schepen.

In de eerste plaats gaat het om zitpenningen, dat is de vergoeding die een gemeenteraadslid krijgt voor een commissievergadering of een bijeenkomst van de gemeenteraad. Op dit moment krijgen ze 75 euro, maandag mogen zelf mee beslissen of ze het dubbele willen krijgen: 150 euro. Gemeenteraadsleden zijn de politieke spek en bonen voor de meerderheid, zij mogen de zeg van hun partij doen en stemmen volgens de richtlijnen van de partij en verder zitten er ze er gewoon bij en zwijgen. Daarvoor krijgen ze een vergoeding die men heel toepassselijk een ‘zitpenning’ noemt.

Voor de burgemeesters van de districten, die wel een loon uitbetaald krijgen, voorziet men een verhoging van van 40 procent. Nu verdienen die 50 procent van de verloning van een gelijkaardige burgemeester die niet een district bestuurt. Daar wil men dus 70 procent van maken. Een bitter detail is dat de districten die loonsverhoging uit hun eigen begroting moeten halen.

Tot slot zal er gestemd worden over een verhoging van de zitpenningen in de Antwerpse gemeenteraad. Die krijgen nu 150 euro en willen daar in de toekomst graag 213 euro voor krijgen: 42 procent meer dus.

Vorige week nog kon je in de meerjarenbegroting van het Antwerpse stadsbestuur lezen dat het bestuur zichzelf een strikte budgettaire discipline zou opleggen. 

Wellicht begrepen we het verkeerd.