“Populisten tellen in een democratie niet mee.”

Op 21 juli, onze nationale feestdag, zullen we eindelijk weten dat we weer naar de stembus mogen. Ten minste dat denkt ieder weldenkend mens. Dan mogen Egbert Lachaert (Open Vld), Georges-Louis Bouchez (MR), Joachim Coens (CD&V) aan de koning gaan uitleggen dat het niet gelukt is om een federale regering te vormen. Toch?

Veel zal er niet uit te leggen vallen, en het zal geen makkelijk gesprek worden. Want dan komt koning Filip oog in oog te staan met de man die hem van de troon wil stoten, Georges-Louis (de eerste) Bouchez. Bouchez blijkt namelijk de verpersoonlijking van het royalisme, niet voor koning Filip, maar voor zichzelf. Uit de uitspraken van Bouchez kan je afleiden dat hij het liefst de macht volledig bij de koning legt, zijnde zichzelf. Het Waalse zonnekind komt aandraven met een minderheidsregering, een klassieke tripartite: rooien, liberalen en katholieken. Hoezo een minderheidsregering? Welnee, er zitten volgens Bouchez namelijk geen 150 verkozenen in het parlement, maar 120, want je mag 30 populisten niet meerekenen. Slik. Die uitspraak staat gelijk aan een extremistische aanval op de democratie. Bouchez verheft zichzelf hiermee tot de behoeder van de waarheid en opent de deur naar een blauw geaderd absolutisme.