Goed geprobeerd: intimi vragen begrip voor Paola in de zaak-Delphine. “De koningin is ook een slachtoffer.” Is dat wel zo? Paola had immers meer minnaars dan Albert minnaressen had…

Half Vlaanderen schrikt wakker als in 2006 de volgende vraag in de televisiequiz De Pappenheimers gesteld wordt: “Welke Franstalige liberaal was ooit burgemeester van Brussel, minister-president van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest én de minnaar van koningin Paola?” 

Insiders kennen dit verhaal al langer. Het antwoord is, door eliminatie, niet eens zo moeilijk.

Keren we eerst even terug naar de jaren 50. Boudewijn is koning. Zijn jongere broer Albert houdt zich op de achtergrond. In 1959 treedt Albert in het huwelijk met zijn mooie Italiaanse verloofde Paola. Ze zijn dolverliefd. Op weg naar de slaapkamer voor de eerste huwelijksnacht worden kledingstukken gevonden die Albert en Paola in de haast uittrokken.

Snel komen er kinderen. Het huwelijk loopt enkele jaren goed. Na de geboorte van prins Laurent in oktober 1963 is de liefde omgeslagen in haat. Albert heeft enkele jaren later een buitenechtelijke relatie met mevrouw de Selys. In 1968 wordt liefdeskind Delphine geboren.

In 1969 vieren de prinsen van Luik de tiende huwelijksverjaardag. De fotografen worden uitgenodigd om zeemzoete plaatjes te schieten. Het is een regelrecht media-event. De foto’s moeten bewijzen dat Albert en Paola nog steeds smoorverliefd zijn en moeten dan ook ‘huwelijksgeluk’ uitstralen. Intimi weten dat dit slechts schone schijn is. Toch hadden ze niet verwacht dat dit zeepbelletje al zo snel doorgeprikt zou worden.

Nauwelijks een jaar later, in 1970, verschijnen foto’s in de pers die een totaal ander beeld bieden van Paola. Ze is te zien met Albert de Mun.

Een kortgerokte Paola loopt op Sardinië arm in arm met de adellijke freelance journalist van Paris Match. Telkens wanneer ze kan, zal ze volgens goed ingelichte bronnen de flamboyante De Mun in Parijs bezoeken. Moeilijk kan dat niet zijn: Paola beschikt immers over een appartementje op de Louisalaan in Brussel, tegenover de vermaarde bakker Nihoul.

Ze gaat en staat waar ze wil. Voor haar kroost toont ze weinig interesse. Sommige inwoners van onze hoofdstad hebben Paola eerder ook gezien met een rijke invoerder van Duitse wagens. Leuk detail: de man zou van Italiaanse afkomst zijn. Aldo Vastapane? Uiteraard… (Maar Laurent was toen wel al geboren.)

Het dagblad Trouw vraagt zich in 1999 af “met wie Paola het dan deed?” De krant geeft zelf het antwoord: “Haar hartenbreker was niemand minder dan – Dolce Paola – Adamo.” Adamo ontkent. Ook Paola’s biograaf Mario Danneels hecht weinig geloof aan deze roddel.

Tot zover de “gekende” verhalen. Er is echter nog een ander verhaal dat in de betere Brusselse kringen de ronde doet. Een minister in de jaren 70 zou gelijktijdig twee minnaressen gehad hebben. Politiek erotiseert nu eenmaal. Het zou gaan om Paola en een andere dame. Deze vrouw zou door Paola op kasteel Belvédère gesommeerd zijn en Paola zou haar toegeroepen hebben dat de minister nu maar eens moest kiezen.

Meer zelfs. Tijdens een receptie zou Paola haar ‘rivale’ bij de arm gegrepen hebben en samen voor de minister zijn gaan staan met de uitdrukkelijke vraag om eindelijk een keuze te maken.

Deze minister is eind 1999 burgemeester en ondertussen ook minister van staat. De merkwaardige vraag in De Pappenheimers verwijst naar dit verhaal. De Standaard vraagt of het om “een roddel, een grapje of een inbreuk op de privacy” gaat. De opsteller van de vraag is zich van geen kwaad bewust; zeker twee royaltywatchers zijn op de hoogte van de romance. Het antwoord is niet eens zo moeilijk.

Laten we tot slot de relatie van Paola met Hans Heinrich Thyssen-Bornemisza niet vergeten. Volgens de biograaf van Heini was de relatie tussen Paola en Hans Heinrich “zeker erotisch” van aard. Paola was zeker een warmbloedige Italiaanse schone…