P-magazine vroeg aan honderd Vlaamse vrouwen: wat is het allerstoutste avontuur dat je ooit meemaakte? Niet al die vrouwen antwoordden, maar zij die wél antwoordden, die laten we vanaf nu geregeld op zondag aan het woord.

Vandaag brengen we het verhaal van Solange. Een gelukkig getrouwde, Kempense vrouw met twee kids, die zich op een Duitse camping liet verleiden tot een stukje scheveschaatsrijden, door een Poolse arbeider.

[wcm_nonmember]

Verder lezen?

Word ook abonnee en lees
alle artikels en digitale magazines

Onbeperkt toegang tot alle artikels
en digitaal archief op PNWS.be.
Stop wanneer je wil.

Eerste 3 maanden €2.99 per maand
Nadien slechts €4.99 per maand

Ben je al abonnee? Log hier in en krijg
toegang tot alle artikels en digitale magazines.

[/wcm_nonmember]

[wcm_restrict]

Mag ik mezelf even voorstellen: ik ben Solange, een vrouw van zesendertig, getrouwd met een lieve man en mama van twee kinderen. Desondanks dat ik twee kinderen op deze wereld heb gezet, heb ik nog steeds een taille en plat buikje om trots op te zijn. Als ik iets aan mezelf moest kunnen veranderen, dan zou ik misschien een centimeter of tien groter willen zijn en een cupmaatje groter hebben, maar voor het overige ben ik helemaal tevreden met mezelf.

Enkele jaren geleden gingen we met het gezin voor drie weken met de caravan naar Italië. Het was ongelooflijk mooi weer, we hebben zalig gegeten en ontzettend leuke mensen ontmoet. Het enige minpuntje? De kinderen, toen tien en acht jaar oud, zagen het niet zitten om apart in een tentje naast onze caravan te slapen en dus doen ze dat maar bij ons in de caravan.

Van enige seksuele betrekkingen kwam er gedurende die drie weken niet veel in huis, dat kan je zo al raden. Dat was voor zowel mijn man als mezelf een domper: normaliter hebben we een zeer actief seksleven.

Op de terugweg naar huis besloten we op een camping in de buurt van Stuttgart te overnachten. Mijn man en de twee zoons wilden er namelijk dolgraag eens het museum van Porsche bezoeken. Aangezien ik echt helemaal niks heb met auto’s zou ik gewoon op de camping bij de hond blijven.

Op internet hadden we een kleine camping gevonden op een boogscheut van Stuttgart. Er zou niet zo veel te beleven zijn, maar voor twee nachten leek ons dat geen onoverkomelijk iets. De camping lag zo achterin dat we zelfs met de gps moeite hadden ze te vinden, mijn man heeft naar de uitbaatster van de camping gebeld om ons er zo’n beetje naartoe te loodsen.

Toen we bij de camping arriveerden waren we helemaal gelukkig dat we maar eventjes gingen blijven: het hele domein was amper een voorschoot groot. Twee punten waar je elektriciteit kon afnemen, een waterkraan en nog een bouwvallige chalet waarin je jezelf kon douchen en wassen: dat was het zo’n beetje. Er was dan ook niet veel volk buiten ons: drie bejaarde Duitse koppeltjes en dan stond er ook nog een rijtje oude, vieze caravans die van Polen bleken te zijn die er in de omgeving werkten. In de weekends gingen die mannen steeds naar huis in Polen en vermits we op een vrijdag op de camping waren gearriveerd, zou het behoorlijk stilletjes worden…

De dag nadat we arriveerden was het inderdaad maar stilletjes. De Duitse bejaarden waren klaarblijkelijk al vroeg vertrokken, allicht op één of andere uitstap en ze kwamen pas ’s avonds terug. Ook één van de Poolse overburen, die single was en daarom ook in het weekend soms in Duitsland bleef, arriveerde ’s avonds weer op de camping. Hij kwam ons vriendelijk begroeten en was met mijn man al spoedig een gesprek in het Engels begonnen over zijn werk als bouwvakker, hoe het er in Polen allemaal aan toe ging enzovoort. Ik schatte hem ergens vooraan de vijftig. Het was een slanke man met grijzend haar en zag er zeer verzorgd uit. Toen we ’s avonds allen ons buikje vol hadden gegeten, vroeg hij of we er zin in hadden in zijn caravan nog een wijntje te kraken en het werd nog een gezellige avond, waarin we veel leerden over Polen, de mensen daar en hun gewoonten en gebruiken.

De volgende ochtend sliepen we lekker lang uit; vooral bij mij had de wijn van de avond tevoren er behoorlijk in gehakt. Na een uitgebreid ontbijt was mijn loomheid door de alcohol echter weer geweken. We zagen de Duitsers opnieuw op één of ander avontuur vertrekken en de camping lag er alweer erg verlaten bij.

Tegen half twaalf vertrok mijn man met de kids naar het Porsche-museum en bleef ik, zoals afgesproken, bij de hond. Geen probleem voor mij: zo had ik eindelijk nog eens tijd om lekker verder te lezen in ‘Vijftig Tinten Grijs’. Eerst wilde ik echter een douche nemen: de nacht tevoren had ik behoorlijk gezweet. Gekleed in mijn bikini en met shampoo, douchegel en een grote handdoek in de hand ging ik op pad naar de barak die moest dienst doen als wasruimte. Langs binnen bleek het nog erger gesteld dan de buitenkant deed vermoeden. Een kraan met daaronder een emmer moest blijkbaar dienst doen als lavabo en een gemetste bak, afgeschermd door een plastieken gordijn die waarschijnlijk ooit wit was geweest, moest een douche voorstellen. Maar ach, zolang het water dat er uit de douchekop kwam niet bruin zag van de smurrie was ik al lang tevreden: ik had echt behoefte aan lauwe waterstralen op mijn bezwete lichaam.

Toen ik mezelf enkele tellen later stond te schrobben met de heerlijk naar kokos ruikende douchegel, schoot het me ineens te binnen dat ik de deur niet op slot had gedaan. Bij nader inzicht kon dat ook niet, want toen ik de douchegordijn wegtrok kon ik zien dat er geen slot op de deur zat. Het gedacht alleen al dat er ieder ogenblik iemand kon binnenkomen wond me enigszins op, al was dat langs de andere kant belachelijk natuurlijk: ik was, uitgezonderd onze hond en misschien nog wat vogeltjes in de bomen, de enige levende ziel op de camping.

Toen al het zweet van mijn lichaam was gewassen en mijn haren geurden naar fruitige shampoo, stapte ik het gemetste douchehokje weer uit en droogde mezelf af. Terwijl ik daarmee bezig was, hoorde ik plots de deur openzwaaien. Het zal de wind geweest zijn, zo dacht ik, maar toen ik opkeek zag ik recht in de ogen van de overbuurman, de Pool. Hij stond daar in een korte badjas, mij van kop tot teen te bekijken en mompelde in zijn typische Pools Engels: “I’m sorry.” Desondanks het feit dat het hem speet maakte hij geen aanstalten om het weer af te bollen. Integendeel: hij kwam helemaal naar binnen, deed de deur weer dicht en vertelde, alsof het de normaalste zaak van de wereld was, dat hij ook wilde douchen. Ik was zo verbouwereerd dat ik niet meer wist wat zeggen. In een poging mijn handdoek rond mijn naakte lichaam te slaan liet ik die zelfs pardoes op de grond vallen, en daar stond ik dan in volle glorie.

De Pool daarentegen deed rustig zijn badjas uit en kwam naakt naast me staan, terwijl hij me verder bekeek. Hij bleef er niet slap bij, zo zag ik vanuit mijn ooghoeken. Ik voelde hoe het bloed naar mijn hoofd steeg en mijn wangen rood werden, terwijl hij met een rustige stem zei, nog steeds alsof dit een alledaags tafereel was, dat ik “good looking” was. Nog steeds kon ik geen woord uitbrengen: ik pikte mijn handdoek op van de grond en draaide me met mijn rug naar hem. Toen voelde ik zijn hand over mijn naakte en nog natte rug strelen, terwijl hij verder ging met me complimentjes te geven. Roomblank velletje, zijdezachte huid en meer van dat. ‘Ik moet me omdraaien en mijn knie loeihard tussen zijn ballen planten’, zo ging het door mijn hoofd. Maar tegelijkertijd was er iets dat me tegen hield, een gevoel van spanning. Hij was het jagende mannetjesdier en ik was het vrouwtjesdier dat aan hem ten prooi was gevallen en dat maakte me gek van verlangen. Dat was trouwens ook het signaal dat ik waarschijnlijk ook aan hem gaf, toen hij luttele tellen later verder ging met mijn achterwerk te betasten, en ik hem maar liet doen.

Hij kwam pal achter me staan en lichtjes voelde ik zijn geslacht tegen mijn billen. Een hand greep naar mijn linkerborst en begon die zachtjes te kneden.

“Stop, hou je handen thuis”, zo riep ik hem toe. “Ik ben een getrouwde vrouw. Een deftige, getrouwde vrouw en deftige getrouwde vrouwen, die doen zoiets niet.” Dat waren mijn woorden, maar mijn handen konden het niet opbrengen die van hem weer weg te duwen. Mijn lichaam verlangde naar meer. “Sst”, zo klonk zijn antwoord vlakbij mijn oor. “Morgen ben je alweer weg, we zullen elkander nooit meer zien. Als jij en ik zwijgen, zal niemand het ooit te weten komen, toch?”

Mijn verstand wilde toen keihard wegrennen, maar mijn lichaam wilde na drie weken geen seks meer. Dat dit gebeurde met een volstrekt vreemde, maakte het des te spannender.

“Nadien bleef het wel aan me vreten. Ik dacht: ‘Stel dat mijn man zoiets doet achter mijn rug, zou ik dan graag hebben dat hij het geheim houdt?’ Ik besloot mijn slippertje op te biechten. Mijn man heeft me dit vergeven, maar sindsdien heeft hij me niet meer alleen achtergelaten op een camping!”

[/wcm_restrict]

 
 

Gepubliceerd door Stefan Lambrechts

Optimist en liefhebber van mooie natuur, door wiens aderen ook een beetje benzine stroomt.