Zo, dat is straffe taal van een straffe 59-jarige, kranige dame.

Corona eist heel wat mensenlevens. Maar waar niemand bij stilstaat, is dat ook de corona-maatregelen mensenlevens eisen. Mensen wachten langer met op consultatie te gaan bij hun geneesheer omwille van corona, behandelingen worden uitgesteld,… soms met fatale afloop.

Maar er is ook het psychologische aspect. Sommige mensen krijgen omwille van de maatregelen financiële problemen, en/of worden eenzaam, en zien het leven niet meer zitten… Wij spraken met Gerda.

[wcm_nonmember]

Verder lezen?

Word ook abonnee en lees
alle artikels en digitale magazines

Onbeperkt toegang tot alle artikels
en digitaal archief op PNWS.be.
Stop wanneer je wil.

Eerste 3 maanden €2.99 per maand
Nadien slechts €4.99 per maand

Ben je al abonnee? Log hier in en krijg
toegang tot alle artikels en digitale magazines.

[/wcm_nonmember]

[wcm_restrict]

 

“Het zal over enkele weken precies twee jaar geleden zijn dat ik weduwe werd”, zo steekt ze van wal. “Mijn man kwam om tijdens een stom ongeval. Donderslag bij heldere hemel. Maar het leven gaat verder natuurlijk, hoewel er geen enkele dag voorbijgaat dat ik niet aan hem denk.”

“Gelukkig had ik toffe collega’s, die mij er weer bovenop hielpen. Ik werk in een brasserie, en we zijn als het ware familie voor elkaar. Ik ben nogal een sociale madam, babbel met Jan en alleman. Een job in de horeca is dan ook geknipt voor mij: een babbeltje slaan met de klanten, het is mijn lust en mijn leven.”

“Ook in mijn privéleven breng ik tegenwoordig heel wat tijd door met mijn collega’s. Naaste familie heb ik niet. Onze enige dochter woont in Canada, en met mijn enige zus kom ik niet goed overeen.”

“De lockdown eerder dit jaar was voor mij een hel. De eerste dagen vielen nog mee: ik had het gevoel dat ik tegen tweehonderd per uur leefde, en ik kon even rusten. Maar al snel was ik uitgerust…”

“De eerste dagen ging ik iedere dag eten kopen in de winkel. Dat was het enige waarom we nog mochten buitenkomen, en zo was ik toch nog een beetje onder de mensen. Alleen: de mensen waren niet meer helemaal normaal…”

“Toen ik er getuige van was hoe een man een andere man aftroefde met een komkommer omdat die te dichtbij was gekomen, vond ik ook gaan winkelen niet lollig meer. Ik kocht ineens een voorraad waar ik makkelijk een week mee zou toekomen.”

“Daar zat ik dan, alleen tussen mijn vier muren. Plots had ik tijd om over alles te piekeren. Het gemis van mijn man werd heftiger dan ooit. Ik werd er zowaar paranoia van. Echt waar: ik begon scenario’s gaan te bedenken dat, als dat er gebeurd zou zijn, hij niet zou overleden zijn. Ik begon me zelfs op den duur de schuld van te geven, dat hij overleden was. Zoals: had ik die dag de sleutel van de auto ergens gelegd waar hij hem niet zou kunnen vinden, dan zou hij niet kunnen vertrekken, en dan zou hij nu nog leven. Een sombere periode, ik heb toen echt gedacht: ik wil hier weg. Ik wil bij hem zijn.”

“En toen kwam de bevrijding. We mochten opnieuw uit ons kot. Zelden zo blij geweest als toen ik mijn collega’s weer zag. En nu… nu breekt er opnieuw een donkere periode aan. Een periode van eenzaamheid, piekeren,… Nu heb ik nog meer te piekeren trouwens. Het water staat tot aan de lippen bij onze werkgever. Het is nog niet zeker of hij na een maand weer open zal gaan. Ik weet dus niet of ik nog wel een job ga hebben.”

“Eén knuffelcontact mogen we nog hebben buiten het gezin: hoe belachelijk is dat? Mijn collega heeft twee dochters die het huis uit zijn. Zij moet nu kiezen met dewelke ze nog gaat knuffelen of wat? En voor mij is er helemaal geen knuffelcontact natuurlijk. Ah nee, want als je het volgens de regels speelt, dan mag iedereen maar met één iemand een nauw contact onderhouden. En al mijn nauwe contacten, die hebben familieleden die voor hen natuurlijk belangrijker zijn dan mij. En dus verval ik opnieuw in eenzaamheid.”

“Met enkele collega’s zijn we het er nu echter over eens: ze kunnen onze rug op dit keer, daar in Brussel. We blijven elkaar zien, al mag het eigenlijk niet meer. Deze keer sterf ik nog liever, dan mij aan de maatregelen te houden.”

[/wcm_restrict]

 
 
 
 

Gepubliceerd door Stefan Lambrechts

Optimist en liefhebber van mooie natuur, door wiens aderen ook een beetje benzine stroomt.