Dorpen in landelijk gebied zijn de inbraken beu en nemen het recht in eigen handen.

Enkele brave Nederlandse kerkgangers bundelden de krachten en hebben een burgerwacht opgericht. Dat hebben ze uitzonderlijk professioneel aangepakt, want ze hebben zichzelf een commandowagen gekocht met uitschuifbare camera, drones met warmtecamera’s, schijnwerpers, kogelvrije vesten en een Mechelse herder. Tenminste, dat is wat zij officieel meedelen.

De Dorpen Ochten, Kesteren en Opheusden liggen niet ver van de Duitse grens in een landelijk gebied en zijn een doelwit geworden van criminelen die ‘grensoverschrijdend’ te werk gaan. De groep goede huisvaders traint elke maand en maakt zich sterk om binnen de twee minuten inbrekers of ‘ander tuig’ aan te pakken. Wanneer het om een ‘heterdaadje’ gaat, mogen zij volgens de wet, zelfs overgaan tot een burgerarrest.

De Nederlandse politie laat het oogluikend toe, maar waarschuwt de groep dat zij in de gaten worden gehouden en zullen vervolgd worden, als ze buiten de lijntjes kleuren.

Ook in ons land zijn er wel vaker van dit soort initatieven, iets wat door de politie niet meteen wordt toegejuicht. Om de wildgroei van cowboy-verenigingen tegen te gaan en initiatieven een wettelijk kader te geven, is men in Vlaanderen al enkele jaren bezig met de BIN, de buurt informatie netwerken.

De BIN is een samenwerkingsverband tussen lokale overheid, politie en inwoners van een bepaalde buurt. Het verbindt mensen en politie met elkaar en installeert een netwerk dat gebaseerd is op sociale controle. Mensen kunnen niet alleen makkelijk melden als er wat verdachts gebeurt in straat of wijk, maar ze worden ook van deze info op de hoogte gebracht als anderen dit melden. 100 ogen zien meer dan 2.

Toch blijft de politie het afraden om, zoals in Nederland, actief het recht in eigen handen te nemen en de criminelen fysiek te gaan bekampen.