“Er komt een dag dat men niet langer lijdzaam toe zal toekijken en slikken.”

Europa bereidt haar burgers voor op een nieuwe algemene lockdown. Ten minste, dat lees je tussen de lijnen. Onze nieuwe regering wil ons op de tonen van Vivaldi in slaap wiegen en ambieert om de beste leerling van de klas te worden. Dat zijn we ondertussen ook al een beetje. Met het sluiten van de cafés in Brussel mochten we een bank vooruit.

In Parijs zijn alle cafés twee weken dicht, net als zwembaden en sportzalen, Duitsland wil verstrengen, in Italië worden reizigers die vanuit ons land komen, verplicht om een coronatest te ondergaan. “Het is dit of een knock-out”, zei minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke toen hij de regel van vier introduceerde en masseerde daarmee de bevolking om hen straks de volledige lockdown aan te bieden?

Professor Lieven Annemans werd tegelijkertijd door zijn collega’s buitenspel gezet en belachelijk gemaakt, omdat hij blijft ijveren voor het welzijn van de bevolking. Een waarschuwing die beleidsmakers én experten aan de kant schuiven als prietpraat. Maar wat als Annemans gelijk krijgt? Wat als de bevolking op een bepaald punt massaal “nee” zegt. Wat als zij die alles kwijt zijn, in opstand komen en burgerlijk ongehoorzaam actie gaan voeren?

In Spanje worden de autoriteiten teruggefloten door een rechter. Het hooggerechtshof in Madrid heeft de gedeeltelijke lockdown van de Spaanse hoofdstad Madrid en 9 naburige gemeenten verworpen. De maatregel “gaat in tegen de fundamentele rechten en vrijheden” van de 4,5 miljoen getroffen inwoners, luidt het. De maatregel was opgelegd door de regering in een poging om de tweede besmettingsgolf te beteugelen. Ze trad vrijdagavond in werking.