“Als je in het kader van brononderzoek maar 25 keer de gegevens van cafés en restaurants nodig hebt, dan kan je op die smalle basis de sluiting van de horeca moeilijk verdedigen.”

Parlementslid Lorin Parys (N-VA) vroeg de cijfers over de verwerking van de registratieformulieren in de horeca op bij minister Wouter Beke (CD&V) en die bevestigen geenszins dat de horeca verantwoordelijk is voor de tweede golf. In september en oktober werden er slechts 15 registratielijsten van cafés opgevraagd en 10 van restaurants. Toch hebben we die allemaal massaal ingevuld, toch blijft de overheid en de wetenschappers claimen dat de horeca de grote besmettingshaard is. Voor N-VA zijn de nieuwe cijfers alvast een bevestiging dat de horeca in Vlaanderen eigenlijk niet had moeten sluiten.

Het minste wat je kan zeggen is dat er tussen cijfers en conclusie een merkwaardige losse vorm van interpreteren schuilt. Want ook nu weer worden de cijfers meteen betwist. Karine Moykens, hoofd van het interfederaal comité Testing en Tracing, nuanceert de conclusie: “We mogen die cijfers niet zomaar te pas en te onpas opvragen. Alleen bij aanwijzingen dat een besmetting echt aan een horecabezoek gelinkt kan worden, nemen we contact op met die zaak”, zegt ze in Het Nieuwsblad. De krant kon Cijfers van het interfederaal comité Testing en Tracing over gedetecteerde clusters inkijken en die bevestigen nog maar eens de eerdere statistieken die door de wetenschappers als flauwe kul worden opzij geschoven. Uit de nieuwe cijfers blijkt dat die gedetecteerde clusters zich vooral in de woon-zorgcentra (39) bevinden, op het werk (37) of op school (29) bevinden. Ook jeugdbewegingen (16) en sportclubs (8) blijken hoger te scoren dan cafés (5) en restaurants (1).

Wij hebben hier niets aan toe te voegen.