Raad van State verwerpt het oordeel van de auditeur.

“De sluiting van de horeca in ons land was niet wettelijk en zou dus moeten worden geschorst”, zo oordeelde de auditeur van de Raad van State. Hij voegde er wel aan toe dat het algemeen belang primeert. Drie grote Antwerpse horecaondernemers hadden juridische stappen ondernomen tegen de Belgische Staat. Het gaat om Wim Van der Borght (die 20 zaken heeft), Gunther Dieltjens (drie restaurants) en cateraar Jan Jacobs. Een principekwestie, want met de nieuwe lockdown, is het heropenen van de horeca niet aan de orde.

De Raad van State deed gisteren uitspraak over deze zaak en volgt de conclusie van de auditeur niet. Volgens de Raad van State is het ministeriële besluit van 18 oktober, die de horeca dwong tot sluiting, niet onwettig.

“In deze zaak verwerpt de Raad van State vooreerst de zienswijze van verzoekster dat de minister van Binnenlandse Zaken niet de bevoegdheid had om de genomen maatregel uit te vaardigen. Ook verwerpt de Raad de kritiek die in essentie steunt op de schending van een aantal rechtsbeginselen zoals het zorgvuldigheidsbeginsel, het evenredigheidsbeginsel, het gelijkheidsbeginsel, het proportionaliteitsbeginsel, en de vrijheid van ondernemen van horeca-uitbaters”, aldus het arrest van de Raad van State.