Geheugenverlies en ‘niet geïnteresseerd’.

Assisenzaken spreken tot de verbeelding. Voor het publiek is het een vorm van Theater, voor de rechters een bron van ergernis omdat een leek zonder kennis van de wet, mag beslissen over schuld en onschuld.

Deze week trekken twee assisenzaken de aandacht. Tweemaal verbazen de beschuldigden ons met hun ‘optreden’.

In Luxemburg verschijnt de oudste vrouw (89) ooit voor het hoogste gerechtshof. Zij wordt aangeklaagd voor doodslag op haar vriendin van 93. De verhoren van maandag leverden niet veel informatie op, integendeel. Beschuldigde Clara Maes beweert dat ze haar geheugen volldedig kwijt is. “Ik herinner me niks van die dag. Maar ik weet dat ik haar niet vermoord heb,.“

`Dat ze elke dag langs ging bij haar vriendin Suzanne, en dat ze dan een brood ging kopen voor haar, dat was zowat het enige dat Clara Maes zich nog naar eigen zeggen kon herinneren. “Die bakker is niet ver hé. Het is vlakbij.” Op alle andere vragen over wat er gebeurde op 3 januari 2015 in het huis van Suzanne in Libramont, kwam hetzelfde antwoord: “Ik weet het niet meer, mijnheer.” Beleefd en duidelijk, maar als jury kan je daar weinig mee.

Heeft ze echt een gat in haar geheugen? Of doet ze alsof? Over deze vragen zal er deze week stevig gedebatteerd worden in Luxemburg.

In Antwerpen ging een heel andere assisenzaak van start. Een volksjury moet zich daar deze week uitspreken over de moord op Nancy De Landtsheer die door haar vriend Carlos Machado Lopes Correira gewurgd werd bij hen thuis in de Arendshoflaan in Deurne. Maar Carlos stuurde zijn kat, of beter zijn advocaten. “Dit interesseert me niet, jullie kunnen me niet verplichten om te komen. Geef me gewoon de maximumstraf. Ik heb daar niks te zoeken. Ik wil geen enkele uitleg geven aan de jury”, zei hij vanuit de gevangenis van Beveren.

Volgens de voorzitter van de rechtbank, Alexandra Van Kelst, zijn er grenzen aan de mate waarop iemand gedwongen kan worden om te verschijnen voor zijn rechters, maar kan het proces gewoon doorgaan. “Hij laat zich vertegenwoordigen door zijn advocaten. Ik zal hen elke dag vragen of hij nog steeds weigert om aanwezig te zijn.”